map2Proef B1, voor zowel de A en de B honden.
Twee voorjagers staan met hun hond op de wal. Een bootje met lokeenden er omheen ligt zo’n 25m uit de kant op het meer. Rechts wordt vanuit de boot een koet geschoten, die net achter de lokkers valt. Hond 1 moet die halen, en terwijl hij terugkomt wordt
links een gans geschoten die daar ook tussen de lokkers valt. Hij geeft de koet af, en dan moet de andere hond de gans halen. Vervolgens worden de rollen omgedraaid. Speerpunt van deze op zich eenvoudige proef was de steadiness en rust op post. Bij 45 van de 49 honden ging dit goed.

Alle A honden slaagden. Soms vergeten deelnemers dat zelfs een tekenband tijdens een proef niet mag. Gelukkig maakte keurmeester Nijssen daarop tijdig attent. Een Cesky Fousek raakte verstrikt in de draad waarmee een lokeend vast lag, verblikte of verbloosde niet, ontdeed zich van draad en lokeend aan de kant, draaide zich om en apporteerde de koet.

Proef B2, voor A en B honden.
Op het weiland wordt op 60m afstand een duif geschoten. Een konijn ligt in een hoek van 45 graden links ten opzichte van het markeerapport, 
ongeveer onder het prikkeldraad. Essentie van deze proef was het schakelen van markeren naar zoeken, van zicht naar neus dus, en niet terugkeren naar de valplek van het markeerapport. Hierbij was het correct inzetten richting konijn heel belangrijk. Alle A honden scoorden hier voldoende, maar er waren 10 B honden die faalden. Sommige bleven bij de draad vandaan als het vee in de andere wei te nieuwsgierig was, en kwamen dan ook niet bij het konijn. Werken in de nabijheid van vee is een belangrijk punt om mee te nemen in de training.

Proef B3, voor B honden.
Op ongeveer 80m staat een jachthutje met lokduiven in het vrij korte gras, van waaruit links en direct daarna rechts een duif wordt geschoten. Hier ging het dus om hoe goed de hond markeert en onthoudt. Vaak moest de hond toch naar de tweede duif gestuurd worden, vooral wanneer de voorjager te lang bezig was om de hond opnieuw op te lijnen en in te zetten, waardoor de hond uit zijn concentratie gehaald werd. De voorjager hoort te weten of de hond beide vogels heeft zien vallen (kijk bij het schot meer naar je hond dan naar de duif) en moet dan vertrouwen op het geheugen van zijn hond. Overigens ging het maar bij 4 honden echt fout.

map3Proef B4, voor A en B honden.
Je staat in een weiland. Voor je een drassig bos, met zware dekking van hoge brandnetels, met daarin een kraai. Rechts daarvan aan de bovenwindse kant, net op de rand van dekking en weiland, ligt een konijn in het gras. De afstand tot de kraai zo’n 40m, en konijn zo’n 50m. Essentie van deze proef was het aannemen van zware dekking, en een zelfstandige systematische zoekwijze. De proef leek gemakkelijker dan zou blijken. Mogelijke verwaaiing van het konijn, waardoor de hond te vroeg naar rechts zou trekken en dus geen lucht van de kraai zou opdoen, deed velen besluiten eerst de kraai binnen te brengen. Dat leek een goede beslissing, hoewel niet iedereen daar succes mee had. Het bleek toch lastig om hond vergenoeg naar de linkerkant (wind af) van het bos te krijgen waar hij dan zou moeten beginnen met zoeken. 16 honden volbrachten deze opdracht niet.

Proef B5, voor A en B honden.
In het bos aan de overkant van 20m water ligt een koet in de redelijk toegankelijke dekking. Terwijl de hond terugkomt, valt een schot en wordt op 20m links een koet in het water geworpen, wat de hond kan zien, ook als hij via het pad omloopt. De nadruk lag hier op het zelfstandig zoeken aan de overkant (waarbij de wind schuin van achteren kwam), niet ingaan op de verleiding van het schot, maar wel goed onthouden waar dat was. 5 honden faalden, maar 7 honden haalden hier de volle bak van 100 punten, waaruit blijkt dat de meeste voorjagers dit soort situatie hadden ingestudeerd.

Proef B6, alleen voor B honden.
Op het schot valt een koet in het water. Links op het weiland ligt op 60m in een slenk een fazant. Essentie van de proef: schakelen van markeren naar zelfstandig zoeken. De honden moesten wind af naar het valgebied gestuurd worden, alwaar ze, uit zicht, in de slenk grondig moesten zoeken. De meesten deden dit ook en vonden de fazant. Slechts 3 honden hadden geen succes. Dan nog de A proeven, uiteraard alleen voor de A honden. 




Proef A1 werd ’s morgens gehouden, en A2 in de middag.


Proef A1.
Een wat kronkelend pad loopt vanaf de zomerdijk de uiterwaard in langs een bos. Op 100m is een (openstaand) hek, en iets verder een opening naar het bos rechts waar een sleep met een haas begint en de hond uit zicht verdwijnt. De sleep is 70m, gedeeltelijk over een stuk zand. Achter de voorjager is vanaf de zomerdijk een strook weiland van 80m, dan is daar een oude lint- of draadafscheiding langs een rand struiken (met daarin twee onderbrekingen) en daarachter een perceel mais waarin een duif ligt. Voor beide apporten moest de hond haaks op de wind lopen en dan naar de wind toe de sleep oppakken, of de duif zoeken. Eerst het haas, dan de duif. Het ging hier dus om het schakelen van gedirigeerd worden naar zelfstandig werken. Het was maar goed dat men 8 minuten had om de twee apporten binnen te brengen (hoewel sommige honden de klus veel en veel sneller klaarden). De lijn naar de sleep lopen ging niet altijd vlekkeloos, en soms duurde het even voordat de sleep dan werd opgepakt. De keurmeester die het werk op de sleep kon zien vertelde me dat sommige honden ook wat moeite hadden met de overgang van gras naar zand. Bij het dirigeren naar de maïs bleek de afscheiding voor veel honden lastig te zijn. En de eerste voorjagers stuurden de hond niet naar de meest gunstige route naar de maïs. Dat constaterend gaf de keurmeester daarom later wat nadere aanwijzing. Er werd gedacht dat de duif toen gemakkelijker werd geplaatst, maar dat was niet het geval. 14 van de 20 honden volbrachten de opdracht.

map4Proef A2.
Voorjager en hond staan bij het water. Rechts wordt geschoten, zodat de hond weet in welke richting hij een apport kan verwachten. De kraai ligt in de pittige dekking van het talud naar de dijk. De afstand van voorjager naar kraai is 60m, waarvan 30m dekking. De hond kan gebruik maken van de zwakke wind vanaf de dijk. Vanaf het punt waar een steen in het water wordt gegooid (de hond ziet de rimpels op het water), wordt een eend onder water een 10m naar de kant getrokken, waar dan een sleep het land een eindweegs op gaat. De kraai was lastig, want het talud en de toch wel zware dekking blokkeerden de wind. Volhardend zoeken leverde dan toch de kraai op. Het andere onderdeel van de proef was wat minder realistisch, want volgens mij zou een aangeschoten eend niet het land op vluchten, maar zich tegen de oever verstoppen. Een gans zou logischer zijn geweest. Maar goed, een spoor is een spoor, dus namen de meeste honden het gewoon aan. De helft van de honden had succes op deze proef. 

De wedstrijd voor de A honden beleefde een spannend slot. De Cesky Fouseks van Ellis Olde Bolhaar en Frans Voslar stonden precies gelijk in puntentotaal, 5 punten achter de Duitse staande korthaar Jaro van de Waltakke van Ab Gieling. Voor de laatste proef scoorden Ab en Jaro 75 punten, en kon dus nog ingehaald worden. Maar zowel Ellis als Frans lieten op deze proef 1 apport liggen. Ab eindigde dan ook als winnaar met 525 punten, geweldig! Een gedeelde 2e plaats (beide 510 punten) ging naar de als reserve ingeschreven Duitse staande langhaar Sesffus van de Kastanjelaan van A.M. van Oosterwijck en naar Wim Hoeber met Jannes Jannes van de Josephina’s Hoeve, waarbij Sesfuss de jongere hond was.

De B-wedstrijd werd overtuigend gewonnen door Ron van Spanje, met zijn Heidewachtel Gitte van de Haeselaere, met een totaal van 520 van de mogelijke 600 punten. Zijn laagste score was 75 punten bij de B4 proef. Ook de 2e plaats (515 punten) ging naar een Heidewachtel: Aico, de reu van Jos Schell, heel goed voorgejaagd door Katja Aelen. De 3e plaats (490 punten) ging naar de Korthals Griffon Lummy voorgejaagd door Erik de Haan. Het viel mij trouwens op dat de Heidewachtels zonder uitzondering met kennelijk plezier hun werk deden, ook al ging er af en toe wat mis. Ik zei dat tegen een Heidewachtelman, die antwoordde: “Blij dat je dat ziet, enkele jaren geleden was dat wel anders.” Heidewachtel voorjagers (of fokkers?): gefeliciteerd!

Resultatenoverzicht
uitslagA-diploma's
1 A-525 Jaro vd Waltakke, DSK, Ab Gieling
2 A- 510 Sesffus vd Kastanjelaan, DSL, A.A. van Oosterwijck
3 A- 510 Jannes Jannes vd Josephina's Hoeve, DSD, Wim Hoeben
A-495 Tirsa, DSL, Lisette Vermaeten
A-490 Zoi v Caetshaghe, KLM, Martin v Santen
A-490 Ariane vom Entenpfuhler Forst, DSK, Walter Damen
A-470 Doris vd Wuusterveld, DSK, Willie Goossens
A-457 Carmen Poldervreugd, DSSt, Willy vd Zandschulp



Hoogste B-diploma's

1 B-520 Gitte vd Haeselaere, KLM, Ron v Spanje
2 B-515 Aico,KLM, Katja Aelen
3 B-490 Lummy, GK, Erik de Haan
B-485 Ayka, KLM, Frank de Kieviet
B-485 Bento, DSD, Hans v Alpen
B-470 Nenzy vd Chesannehof, KLM, Mat Hoezen
B-460 Diva vh Patrijzenweitje, GK, Ad Voesenek
B-445 Fawn Tygo vd Perwaborg, CF, Marco Vandijck

­